Spitten? Een deugd of een last?

Spitten? Een deugd of een last?

Spitten? Een deugd of een last?

Spitten en bij uitbreiding ploegen is iets wat al sinds mensenheugenis gebeurt en ook overal in de wereld. In Noord-Amerika, Afrika, Latijns-Amerika, Europa: overal zie je een paard, os, ezel of tractor voor een ploeg lopen of rijden.

Het is een oude gewoonte die zonder nadenken of vragen wordt verder gezet, simpelweg omdat het al zolang zo gedaan wordt. Hoe zou het ook anders moeten?

Spitten is volgens gangbare praktijken dan ook een absolute must en wordt altijd vooraan elk tuinboek behandeld. Wanneer u moet spitten op welke grond – kleigronden in de herfst, zandgronden in de lente – en hoe u moet spitten.

Er zijn op het eerste zicht ook belangrijke voordelen verbonden aan spitten:

  • het losmaken van de grond

Door het opheffen en omkeren van de grond wordt de grond losser en wordt de bodemstructuur verbeterd. Hierdoor kan zware grond gemakkelijker bewerkbaar worden en verhoogt de doorlaatbaarheid voor water.

  • het onderwerken van onkruid

De moestuin ligt er meestal redelijk slordig bij op het einde van de herfst. Hier en daar zijn er plekken waar er onkruid is gegroeid, oogstresten liggen nog op de bedden en oude pompoenplanten, courgetteplanten en lege bonenstruiken zijn stilletjes aan het verschrompelen.

Het is dan heel eenvoudig om alles tijdens het spitten onder te werken. Alles is ineens opgekuist en het organisch afval kan dan dienen als bemesting en wordt in de grond omgezet tot voedsel voor de planten.

  • het inwerken van organisch materiaal

Indien uw bodem nog niet optimaal is of u voorziet in uw teeltwissel volgend jaar een teelt van kolen en wilt wat extra voeding in de grond stoppen, dan kunt u gemakkelijk tijdens het spitten wat oude stalmest of compost onderwerken.

  • het vrijmaken van mineralen

Door het spitten wordt de grond opengesteld voor zuurstof en vindt er een exponentiële groei van micro-organismen plaats. Deze schieten in overdrive en gaan organisch materiaal afbreken. Hierdoor komen er mineralen uit humus en kleine steendeeltjes vrij.

Een andere benadering

De Japanner Fukuoka (2 februari 1913 – 16 augustus 2008) wordt de vader van de natuurlijke landbouw genoemd.

Zijn natuurlijke landbouwmethode is een methode van ‘niets-doen’. Dit is niet in Europese termen te begrijpen. Het verwijst naar het Boeddhisme en Taoïsme. Niets-doen betekent hier ‘geen nutteloos werk doen’. Maar voedsel kweken is soms zwaar en veel werk maar minder dan in de gangbare landbouw.

Hij zegt:

De gewone manier om een methode te ontwikkelen bestaat erin de vraag te stellen: Wat als ik dit doe? Of : Wat als ik dat doe? Hierbij wordt dan een hele gamma aan technieken op elkaar gestapeld. Dit is moderne landbouw en het enige resultaat is dat het de landbouwer meer werk bezorgt.

Mijn manier was tegenovergesteld. Mijn doel was een aangename, natuurlijke manier van landbouw die als resultaat het werk gemakkelijker in plaats van zwaarder maakt.

Mijn manier van denken was: Wat als ik dit niet doe? Of wat als ik dat niet doe? Uiteindelijk kwam ik tot de conclusie dat het niet nodig was te ploegen, niet nodig te bemesten, niet nodig gebruik te maken van compost, dat het niet nodig was insecticiden te gebruiken. Als je er dieper op ingaat, dan blijken er slechts weinig landbouwactiviteiten te zijn die echt noodzakelijk zijn.

Laten we dus het spitten van de grond is anders bekijken. Laten we ons eens afvragen wat er gebeurt indien we niet spitten?

Invloed op grondstructuur

Het allereerste dat de structuur bepaalt is natuurlijk het soort grond dat u heeft: zand, klei, leem en alles daar tussenin.

Maar deze deeltjes worden op een bepaalde manier samengehouden en vormen zo de uiteindelijke bodemstructuur.

De vorm die deze gegroepeerde deeltjes aannemen is afhankelijk van de chemische en fysieke eigenschappen van de grond. De eigenschappen die de bodemstructuur beïnvloeden zijn:

  • oriëntatie van de deeltjes
  • gehalte van klei en humus
  • zwellen en krimpen onder invloed van het weer (hieronder wordt zowel krimpen en zwellen onder invloed van regen én vorst verstaan)
  • wortelgroei
  • bodemorganismen
  • biologische invloeden (wormen en kleine dieren)
  • menselijke activiteit

Al deze factoren bepalen het soort bodemstructuur dat u heeft. Maar de belangrijkste factor om de ideale bodemstructuur te bekomen is de aanwezigheid van bodemorganismen.

Bodemorganismen plakken alles vast

Wanneer u uw grond bekijkt ziet u geen afzonderlijke deeltjes zand, leem en klei maar een kruimelstructuur. Deze kruimels zijn het resultaat van een actief bodemleven.

Het bodemleven produceert de lijm om de individuele deeltjes om te vormen tot kruimels. Tijdens hun dagelijkse activiteiten produceren bacteriën, schimmels en wormen een plakkerige stof die als lijm dient en deze bindt humus-deeltjes, mineralen en gronddeeltjes tot grotere gehelen en vormt zo de begeerde kruimelstructuur.

Maar dit is niet alles.

Van klein naar groot

Laten we starten met de bacteriën. Het slijm dat ze produceren zorgt dat ze aan elkaar maar ook aan gronddeeltjes blijven plakken. Kolonies worden gevormd.

Deze kolonies op hun beurt plakken ook aan elkaar vast, samen met de gronddeeltjes die eraan hangen. Ook schimmels doen hun best om de structuur te verbeteren.

Een veel voorkomende groep van bodemschimmels produceert een plakkerige stof glomalin. Wanneer de schimmeldraden door de grondporiën groeien, plakt deze glomalin de gronddeeltjes zoals superlijm samen tot grote kruimels.

Deze kruimels vergroten de aanwezige poriën, en maken de bodem luchtiger en vergroten de capillaire werking zodat plantenwortels gemakkelijker aan water, lucht en voedingsstoffen geraken.

Wormen doorkruisen de grond op zoek naar eten. Tijdens hun zoektocht eten ze kleine deeltjes grond en organische stof. Deze kleine deeltjes worden na de vertering uitgeworpen en kleven aan elkaar.

Buiten het verbeteren van de grondstructuur door het ‘samenplakken’ van gronddeeltjes is er ook nog de verbetering van de grondstructuur door het gewriemel van deze bodemorganismen (fysieke verbetering van de bodemstructuur)

Gewriemel van organismen in de grond

Elke groep van organismen heeft een andere lichaamsgrootte. Wanneer ze zich verplaatsen, wringen en kronkelen ze tussen, onder en over de verschillende gronddeeltjes en kruimels.

Om het visueler te maken, stellen we de breedte van een bacterie gelijk aan de breedte van 1 spaghetti sliertje. Dit is maar smal en gaat niet veel veranderen denkt u misschien, maar u moet niet vergeten dat er al vele miljoenen bacteriën in een soeplepel grond zitten!

Indien we de vergelijking doortrekken, is een schimmeldraad ongeveer 3 keer breder dan een spaghetti sliert. Een nematode heeft ongeveer de dikte van een potlood, een protozoa heeft al de doorsnede van een serieuze worst.

Mijten en springstaarten zijn al vergelijkbaar met kleine bomen. Kevers en wormen hebben al de diameter van een serieus uit de kluiten gewassen boom.

Stel u eens even voor welke verscheidenheid aan poriën er ontstaat wanneer al deze organismen doorheen de bodem wroeten en wriemelen.

Elektrische ladingen trekken elkaar aan

Als laatste zijn de gronddeeltjes ook nog elektrisch geladen. Het oppervlak van organisch materiaal en kleideeltjes is geladen en zo trekken ze elkaar aan. Samen met voedingstoffen zoals calcium, ijzer, magnesium, … vormen ze ook een soort bindmiddel dat leidt tot een goede kruimelstructuur.

Eigen ervaringen

Uit onderzoek is ondertussen al duidelijk bewezen dat niet spitten minstens even goede opbrengsten geeft, al is dit ook wel afhankelijk van de grondsoort.

Misschien heeft u het effect van niet spitten al gemerkt in uw eigen tuin maar er nooit bij stilgestaan. Wanneer u aardbeien zet en deze 2 jaar laat staan, dan wordt deze grond ook gedurende 2 jaar niet bewerkt. De afgestorven bladeren en niet geplukte vruchten leveren organische stof voor de bodem en het dichtgegroeide bed aardbeien werkt als levende mulch.

Wanneer u deze aardbeien dan verwijdert, zult u merken dat de grond heel goed los is, donkerder van kleur en licht vochtig. Dit is het effect van 2 jaar niet spitten. Wat denkt u dan dat het resultaat is van 5 jaar niet spitten? Of 10 jaar?

U bereikt deze structuurverbetering natuurlijk niet in het eerste jaar. Het is een proces en heeft dus enige tijd nodig, maar de grond verbetert jaar na jaar en u zult zich nog verbazen over de snelheid waarmee de bodem verbetert.

Een belangrijke ingreep die u kunt doen om het proces te versnellen is het toevoegen van organisch materiaal. Dit is immers voedsel voor bodemorganismen en zoals hierboven uitgelegd, zijn het vooral de activiteiten van de bodemorganismen die de structuur van de grond bepalen.

Deze organische stof moet u dus ook niet onderspitten. De bodemorganismen komen deze zelf halen en werken deze onder. U mulcht eigenlijk met dit organische materiaal en u zult merken dat dit na enkele maanden al zo goed als verdwenen is (hier gaan we in een andere nieuwsbrief nog dieper op in).

Ondertussen mag het al wel duidelijk zijn dat niet spitten een veel betere optie is voor de opbouw van de grondstructuur dan spitten.

Wat de invloed is van niet spitten op de andere (zogezegde) voordelen van spitten bekijken we in deel 2 over spitten.

 

 


Bent u hier terecht gekomen via Google, een link van een vriend of via een mail?

Als je op een natuurlijke en gezonde manier groenten wilt kweken, aarzel dan niet, schrijf je in voor mijn nieuwsbrief en krijg elke 2 weken een uitgebreid artikel GRATIS in uw mailbox: Inschrijven voor de Natuurlijke Moestuin nieuwsbrief.

Twijfel je nog?

Lees nog enkele artikels over de Natuurlijke Moestuin: Begin uw eigen échte Natuurlijke Moestuin met mijn tips!